Opzienbarend! Uitvoeren -WOB verzoek Maankwartier- blijkt behoorlijk problematisch

Hart-Leers informeerde met regelmaat naar de onderliggende stukken van een inventarisatie en 2 memo’s Maankwartier. Wij willen graag duidelijk inzichtelijk zien hoe het nu daadwerkelijk met de vertragingskosten Maankwartier zit. 

Keer op keer weigerde de wethouder pertinent om stukken te verstrekken. Toen wij daarop besloten een verzoek op basis van de wet openbaarheid van bestuur (WOB) te doen kwam Heerlen eindelijk ‘van de stoel’. Wat daarop volgde zou in een schimmig feuilleton allerminst misstaan.

In eerste instantie ontvingen we nagenoeg direct een vertragingsbericht. Nu de vertragingstermijn voorbij is viel vanmorgen bijgaande brief ‘op de mat’. 

Daar waar de wethouder niet aan zijn informatieplicht voldoet lijkt informatie verstrekken -na/via een WOB verzoek- toch te gaan gebeuren. Opzienbarend! Het college heeft immers een informatieplicht aan de gemeenteraad. Als raadslid een WOB verzoek -moeten- indienen is dus allerminst ‘normaal’. In Heerlen ondertussen echter, helaas, al meermaals praktijk.

Lees de bijlage en vraag u samen met ons gerust het een en ander af.

-Hoe is het mogelijk dat je memo’s en een inventarisatie opstelt en vervolgens de stukken waarop je deze baseert kennelijk ‘moeilijk te achterhalen’ zijn? Waar is ‘het pakketje onderliggende stukken’ gebleven waarop je beide memo’s en de inventarisatie aan de raad feitelijk baseerde? 

De gemeente Heerlen beschikt over een digitaal archief en ‘werkt digitaal’. Waarom is het dan oh zo moeilijk om zelfs nog niet eens zo gek lang geleden gebruikte/geraadpleegde stukken ‘op te kunnen duikelen’?!

Hart-Leers: ‘Als raadslid moet je blind kunnen koersen op informatie die je van de gemeente ontvangt. Als deze informatie uitblijft, je informeert er naar en vervolgens volgt een uitermate moeilijke en stroeve gang van zaken dan betekend dat veelal: waar rook is, is vuur. Openbaar bestuur is gebonden aan regels van behoorlijk bestuur en niet van geheimhouden tot en met aan het zicht onttrekken in of via allerlei achterkamertjes. Natuurlijk zetten we door. We willen -en zullen- de onderste steen boven water krijgen.’